Burggraaff: markt mag geen afgod zijn

Het afscheid van Boudewijn Berentsen werd luister bijgezet door nog vijf andere sprekers uit zijn omvangrijke netwerk. Jan Louis Burggraaff, overnamespecialist van het internationale advocatenkantoor Allen & Overy, kwam er zelfs speciaal voor over uit Italië. Berentsen en Burggraaf hebben elkaar leren kennen bij overnames waarin werknemers van meet af aan hun stem deden gelden. Berentsen vindt dat essentieel, want: 'In de eindfase nog invloed uitoefenen, dat gaat niet gebeuren'. Burggraaff vindt precies hetzelfde.

De overnamespecialist heeft net zo min vrede met de huidige 'corporate governance' als de vakbondsman Berentsen. Enkele citaten: 'Wie nog niet wist dat de markt niet optimaal alloceert, moet het de afgelopen maanden toch wel gezien hebben. Zestig- tot zeventigduizend mensen in de financiële sector beslissen voor een miljard anderen. Maar de markt mag geen afgod worden. Het is een goede servant, maar een slechte master. Met ons allen, misschien wel van links tot rechts, hebben we de factor kapitaal zóveel invloed gegeven dat anderen zich alleen nog verbaal kunnen roeren.'

Overnames
Burggraaf heeft meerdere van zijn klanten ervan weten te overtuigen dat werknemers bij een overname de kans moeten krijgen om te vertellen wat zij er van vinden. Die werknemers moeten hun punten dan wel meteen ronduit op tafel leggen, hield hij zijn toehoorders met klem voor. Een vennootschap is bij overnames, vooral als die niet onderhands plaatsvinden, uitermate kwetsbaar voor verzwakkingen en lekken. Pogingen om tijdens zo'n proces nog procedurele puntjes te scoren, ook al kunnen die ontleend worden aan de WOR, maken de positie van de vennootschap als geheel alleen maar slechter. 'Een keuze tegen eigen bestuurders en commissarissen is in zo'n proces zelden effectief. Stoer doen helpt je als werknemers niet. Je kunt beter tot op zekere hoogte meebewegen met het proces, en proberen je daarin te laten gelden met je eigen lijn.'

Forum
Burggraaff was alweer op weg naar Schiphol toen een forum aantrad met OR-leden en hr-managers die de EOR-praktijk van binnenuit kennen. Mathi Bouts vertelde hoe de EOR-leden bij Air France/KLM, waaronder hijzelf, stapje voor stapje cultuurverschillen overbruggen. 'Zij zijn de echte bouwers van Europese samenwerking.' Maar hij vertelde ook dat hij wel eens met KLM-topman Van Wijk afsprak om tegenover de Franse partners geen verdeeldheid te laten blijken in het Nederlandse minderheidskamp. Bouts stelt zijn hoop op het poldermodel. Hij ziet het als een kansrijk exportproduct.

Over dat poldermodel zei de Belgische vakbondsman Luc Triangle (ACV-CSC Métal, Europese Metaalbond) dat de Nederlandse verhoudingen, en met name de Nederlandse WOR, veel mogelijkheden geven. 'Wettelijke bevoegdheden creëren, en van daaruit verder werken, dat moeten we op Europees niveau ook doen.' Maar Nederland is wel een uitzondering, ook cultureel. Elders in Europa spreekt het bepaald niet vanzelf dat je als werknemers een zwijgplicht respecteert, om geaccepteerd te worden als gesprekspartner achter de schermen. Boudewijn Berentsen haakte hierop in met een waarschuwing tegen Nederlandse zelfgenoegzaamheid in de omgang met buitenlandse collega's. Hij nam wel waar dat ook buiten ons land de loopgraven worden verruild voor samenwerkingsrelaties tussen werkgevers en werknemers. Maar met het 'poldermodel' heeft dat niets te maken, vond hij. Wel met welbegrepen eigenbelang.
Zakelijk samenwerken was ook de rode draad in bijdragen van Herna Verhagen, Senior Vice-President Corporate HR van postbedrijf TNT, en Roger Muys, die bij Philips Lighting dezelfde titel voert. Verhagen, die zelf een verleden heeft als OR-lid, is als werkgever verantwoordelijk voor een EOR-overeenkomst die volgens Boudewijn Berentsen andere concerns tot voorbeeld strekt. Ze vertelde dat ze de Europese richtlijn best wat aangescherpt zou willen zien: 'De situatie van Nederlandse centrale ondernemingsraden en van Europese ondernemingsraden bij Nederlandse concerns steekt nu te veel af.' Muys benadrukte de rol die hr-managers kunnen spelen. 'Je krijgt wat je verdient. Als je in je EOR investeert, betaalt het zich uit in vertrouwen. Bij ons gaat dat heel goed. De topman en hr-managers overleggen regelmatig met werknemersvertegenwoordigers, op een proactieve basis. EOR een papieren tijger, zoals sommigen zeggen? Ik denk dat het aan de overeenkomst ligt die je met elkaar sluit. Volgens mij beschikt een EOR over mogelijkheden waarmee het management geholpen is, gewoon omdat je elkaar zo makkelijker kunt vinden.'


print deze pagina